Afdeling 4.
Vereisten voor nauwkeurigheid en plaatsing van meetuitrustingen


Art. 3.1.17.

§ 1

De meetinrichtingen en daartoe behorende meetuitrustingen voldoen minimaal aan de vereisten opgenomen in BIJLAGE III - Vereisten voor meetuitrustingen, voor zover geen andere regelgeving terzake geldt.

§ 2

De meetuitrusting waarvan de meetresultaten worden gebruikt voor de berekening van het aantal toe te kennen groenestroom- en/of warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong (in uitvoering van het Energiebesluit) of ten behoeve van het vermarkten van flexibiliteit moet voldoen aan de vereisten vermeld in BIJLAGE III - Vereisten voor meetuitrustingen.

§ 3

Voor grootverbruiksmeetinrichtingen bepaalt de distributienetbeheerder de modaliteiten met betrekking tot het periodiek nazicht van de nauwkeurige werking van deze meetinrichtingen. Dit wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de VREG en gepubliceerd op de website van de distributienetbeheerder.