Art. 3.2.10.

1

Een gedeactiveerde budgetmeter met oplaadbare kaart wordt niet weggenomen als er geen gebruik meer wordt gemaakt van zijn functionaliteiten, tenzij een elektriciteitsdistributienetgebruiker of eigenaar van het betrokken gebouw daar uitdrukkelijk om verzoekt.

2

De kosten voor het wegnemen van de budgetmeter met oplaadbare kaart komen voor rekening van de aanvrager.

3

Voor het wegnemen van de budgetmeter met oplaadbare kaart maakt de elektriciteitsdistributienetgebruiker of eigenaar van het betrokken gebouw een afspraak met de elektriciteitsdistributienetbeheerder, waarbij hij kan eisen dat de budgetmeter wordt weggenomen binnen vijftien werkdagen na ontvangst door de elektriciteitsdistributienetbeheerder van de betaling van de kosten. In uitzonderlijke omstandigheden kan de elektriciteitsdistributienetbeheerder, op gemotiveerde wijze, van die termijn afwijken.