Art. 4.1.5. Inhoud van het toegangsregister

In het toegangsregister worden de volgende gegevens opgenomen:
informatie over de aansluiting, per aansluitingspunt, zoals aangeleverd door de elektriciteitsdistributienetbeheerder:
o
het energietype: elektriciteit;
o
het elektriciteitsdistributienet waarmee de aansluiting verbonden is;
o
het aansluitingsspanningsniveau;
o
het adres waar de aansluiting zich bevindt;
o
het toegangspunt of de toegangspunten verbonden aan de aansluiting;
informatie over de toegang tot het net, per toegangspunt, zoals aangeleverd door de elektriciteitsdistributienetbeheerder:
o
de identificatie (EAN) van het toegangspunt;
o
de fysieke status van het toegangspunt;
o
de gebruiksrichting: injectie en/of afname;
o
het aansluitingsvermogen;
o
indien van toepassing, gegevens inzake de aanwezigheid van decentrale productie;
informatie over de meetinrichting op het toegangspunt, zoals aangeleverd door de elektriciteitsdistributienetbeheerder:
o
de meternummer(s);
o
de fysieke status van de meter(s) en meetinrichting;
o
de aanwezigheid van een budgetmeter of stroombegrenzer;
informatie over de meteropname:
o
voor toegangspunten met jaarlijkse meteropname: de opnamemaand;
informatie over de elektriciteitsdistributienetgebruiker, per allocatiepunt, zoals aangeleverd door de toegangshouder:
o
de naam van de elektriciteitsdistributienetgebruiker;
o
het type elektriciteitsdistributienetgebruiker (huishoudelijk of niet-huishoudelijk);
o
indien van toepassing, het ondernemingsnummer en de NACE-BEL 2008 code;
o
de contactgegevens (adres en, indien beschikbaar, e-mailadres en telefoonnummer) van de elektriciteitsdistributienetgebruiker;
informatie over het gebruik van het allocatiepunt:
o
de identificatie van de aan het toegangspunt gekoppelde allocatiepunten;
o
de contractuele status van het allocatiepunt;
o
het toegangsvermogen voor injectie en/of afname;
o
de partijen die als toegangshouder en evenwichtsverantwoordelijke zijn aangewezen;
o
de allocatiepuntconfiguratie:
het meetregime;
de opnamefrequentie voor facturatie;
de opnamefrequentie voor verbruiksinformatie;
de tariefperioden;
o
de op het toegangspunt gekozen en beschikbare dienst, alsook de hieruit volgende wijze(n) waarop de meetgegevens gecombineerd (kunnen) worden op het allocatiepunt;
o
indien van toepassing, de voorafbetalingsstatus;
o
de datum na de indienstname waarop voor het eerst een toegangshouder geregistreerd werd op het allocatiepunt;
o
de datum waarop de huidige toegangshouder geregistreerd werd op het allocatiepunt;
o
de datum waarop een toegangshouder voor de huidige elektriciteitsdistributienetgebruiker geregistreerd werd op het allocatiepunt;
o
indien gekend, de einddatum van het energiecontract tussen de huidige toegangshouder en de elektriciteitsdistributienetgebruiker op het allocatiepunt;
o
het gebruiksprofiel;
o
voor allocatiepunten met een berekend gebruiksprofiel, het standaard jaarverbruik of standaard maandverbruik of de forfaitair bepaalde afname;
o
het validatieniveau van meetgegevens voor facturatie;
o
het validatieniveau van meetgegevens voor verbruiksinformatie;
o
de meest recente meterstanden en verbruiken voor facturatie;
o
de meest recente meterstanden en verbruiken voor verbruiksinformatie;
o
historische verbruiken.