Art. 4.2.14. (nieuw) - Keuze allocatiepuntconfiguratie

1

De elektriciteitsdistributienetbeheerder maakt de op basis van de aanwezige meetinrichting mogelijke instellingen van de allocatiepuntconfiguratie zichtbaar aan de toegangshouder op het betreffende allocatiepunt.

2

Nadat de elektriciteitsdistributienetgebruiker zijn toestemming heeft gegeven, kan de toegangshouder de allocatiepuntconfiguratie kiezen uit de beschikbare instellingen, volgens de wijze beschreven in de UMIG.