Onderafdeling 5.
Rechtzettingen


Art. 4.3.33.
Mogelijke fouten in de informatie van een toegangspunt of allocatiepunt met betrekking tot de uitgewisselde meetgegevens worden door de toegangshouder en de elektriciteitsdistributienetbeheerder onmiddellijk aan elkaar gemeld. Daartoe stellen zij gezamenlijk een meldings- en afhandelingsprocedure op en beschrijven die in de UMIG. Typefouten of groepen van fouten en de bijbehorende behandeling worden beschreven in een catalogus die wordt geactualiseerd op basis van overleg tussen toegangshouders en elektriciteitsdistributienetbeheerders.

Art. 4.3.34.
De meldings- en afhandelingsprocedure en de in de UMIG beschreven behandeling bevatten minstens volgende stappen:
De toegangshouder of elektriciteitsdistributienetbeheerder meldt de fout aan de andere partij, met aanduiding van de typefout;
De andere partij beoordeelt de gemelde fout, met terugmelding van de aanvaarding of verwerping van dat bericht binnen twee kalenderdagen na ontvangst. Bij aanvaarding wordt door de ontvangende partij een uniek referentienummer aan de foutmelding toegekend;
De aanvaarde foutmelding wordt behandeld conform de procedure en het tijdschema die in de UMIG vastgelegd zijn;
Beide partijen communiceren met elkaar over de nodige wijzigingen in de uitgewisselde meetgegevens ter correctie van de fout. Beide partijen nemen de nodige maatregelen om die fout in de eigen gegevensbestanden en processen recht te zetten;
Andere processen en verrekeningen worden al dan niet met terugwerkende kracht (nettarieffactuur, allocatie, reconciliatie) tussen beide partijen gelijktijdig rechtgezet, als dat is overeengekomen tussen toegangshouders en elektriciteitsdistributienetbeheerders en zoals vastgelegd in de UMIG.

Art. 4.3.35.

§ 1

Een elektriciteitsdistributienetgebruiker kan met inachtname van de periode gespecifieerd in Art. 4.3.36, zijn afgenomen, geïnjecteerde of geproduceerde energiehoeveelheden of zijn meterstanden die gebruikt worden voor de berekening van de afgenomen, geïnjecteerde of geproduceerde energiehoeveelheden betwisten bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder of, indien ze doorgegeven zijn via zijn toegangshouder, bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder via zijn toegangshouder.

§ 2

In uitzondering op voorgaande paragraaf kunnen schattingen van meetgegevens in de specifieke gevallen, vermeld in Art. 3.3.3 en Art. 3.3.4, niet betwist worden, tenzij de elektriciteitsdistributienetgebruiker aangeeft dat de elektriciteitsdistributienetbeheerder een fout heeft gemaakt bij het toepassen van de schattingsmethodieken, beschreven in Art. 4.3.29 en Art. 4.3.31.

§ 3

Als de betwiste meterstanden voortkwamen uit een fysieke meteropname door de elektriciteitsdistributienetbeheerder, kan de elektriciteitsdistributienetgebruiker een nieuwe fysieke meteropname aanvragen bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder overeenkomstig Art. 3.3.3, § 7. Als die meteropname uitwijst dat de betwiste meterstanden niet correct waren, worden de kosten voor die meteropname gedragen door de elektriciteitsdistributienetbeheerder. In dat geval worden de betwiste meterstanden en indien nodig de daaropvolgende meterstanden rechtgezet overeenkomstig Art. 4.3.33.

§ 4

Als de betwiste meterstanden voortkwamen uit een meteropname door de elektriciteitsdistributienetgebruiker zelf via een meteropnamekaart, wordt aan de elektriciteitsdistributienetgebruiker de mogelijkheid geboden nieuwe (actuele) meterstanden door te geven aan de elektriciteitsdistributienetbeheerder. Als die meteropname uitwijst dat de betwiste meterstanden niet correct waren, worden de betwiste meterstanden en indien nodig de daaropvolgende meterstanden rechtgezet overeenkomstig Art. 4.3.33.

§ 5

Als de betwiste meterstanden voortkwamen uit een schatting of correctie door de elektriciteitsdistributienetbeheerder, met uitzondering van de gevallen vermeld in Art. 3.3.3. en Art. 3.3.4. waarbij de geschatte meterstand niet meer betwist kan worden, wordt aan de elektriciteitsdistributienetgebruiker de mogelijkheid geboden nieuwe (actuele) meterstanden door te geven aan de elektriciteitsdistributienetbeheerder. Als die meteropname uitwijst dat de betwiste meterstanden niet correct waren, worden de betwiste meterstanden en indien nodig de daaropvolgende meterstanden rechtgezet overeenkomstig Art. 4.3.33.

§ 6

Als de betwiste meterstanden voortkwamen uit een schatting of correctie door de elektriciteitsdistributienetbeheerder en de elektriciteitsdistributienetgebruiker aangeeft dat de elektriciteitsdistributienetbeheerder een fout heeft gemaakt bij het toepassen van de schattingsprincipes, onderzoekt de elektriciteitsdistributienetbeheerder binnen tien werkdagen of hij een fout heeft gemaakt bij het toepassen van de schattingsmethodieken. Als dit onderzoek uitwijst dat de betwiste meterstanden niet correct waren, herschat de elektriciteitsdistributienetbeheerder de betwiste meterstanden en worden de betwiste meterstanden en indien nodig de daaropvolgende meterstanden rechtgezet overeenkomstig Art. 4.3.33.

Art. 4.3.36.

§ 1

Wanneer een elektriciteitsdistributienetbeheerder overgaat tot een rechtzetting van afgenomen, geïnjecteerde of, indien van toepassing, geproduceerde energiehoeveelheden vooreen allocatiepunt of de inbreng van afgenomen, geïnjecteerde of, indien van toepassing, geproduceerde energiehoeveelheden voor een allocatiepunt waarvoor in het verleden geen energiehoeveelheden beschikbaar waren (spontaan, op vraag van een toegangshouder of een elektriciteitsdistributienetgebruiker) moet hij zich houden aan volgende voorwaarden:
De tijdspanne waarvoor de rechtzetting of inbreng kan, behoudens kwade trouw, maximaal plaatsvinden is:
voor allocatiepunten met een jaarlijkse opnamefrequentie voor facturatie:
o
vanaf de eerste dag van de laatste 2 periodieke meteropnameperiodes;
o
tot aan de dag van de gevalideerde meteropname die aanleiding gaf tot de rechtzetting;
o
met de beperking dat de periode van de rechtzetting of inbreng ten vroegste kan aanvangen op de eerste dag van de maand volgend op de 2 maanden die volgen op de maand van de eindreconciliatie, die geldt op het moment van de rechtzetting;
o
eventuele tussenliggende meteropnames vormen hierop geen uitzondering;
voor allocatiepunten met een maandelijkse opnamefrequentie voor facturatie: de laatste 24 volledig opgenomen maanden;
voor continu gemeten allocatiepunten: voor de elementaire meetgegevens die overeenstemmen met de laatste 24 volledig opgenomen maanden.
Voor een allocatiepunt zet de elektriciteitsdistributienetbeheerder de in het verleden ontbrekende, geschatte of foutief toegewezen energiehoeveelheden als volgt recht: de elektriciteitsdistributienetbeheerder verdeelt de nieuwe energiehoeveelheid over de periode tijdens dewelke deze energiehoeveelheid werd verbruikt, afgenomen, geïnjecteerd of, indien van toepassing, geproduceerd en dit volgens de schattingsregels zoals bepaald in Onderafdeling 4. – Schattingen van de marktcode. Voor de rechtzetting weerhoudt hij het aandeel uit deze verdeling van de tijdspanne van de rechtzetting zoals bepaald volgens 1°;
De tarieven die gehanteerd worden voor de facturatie van de rechtzetting of inbreng van deze energiehoeveelheden zijn de tarieven die gehanteerd werden in de verbruiks- of injectieperiode waarvan de energiehoeveelheden rechtgezet of ingebracht worden;
Deze rechtzetting of inbreng van energiehoeveelheden sluit evenwel de mogelijkheid tot een gemeenrechtelijke schadevergoeding niet uit.

§ 2

De voorwaarden bepaald in § 1 gelden ook voor de toegangshouder(s) die deze rechtzetting zal/zullen factureren aan de elektriciteitsdistributienetgebruiker.

§ 3

De voorwaarden bepaald in § 1 gelden ook voor rechtzetting of inbreng van gegevens andere dan door de distributienetbeheerder aan de toegangshouder bezorgde energiehoeveelheden voor de facturatie aan een elektriciteitsdistributienetgebruiker in het kader van een energiecontract.

§ 4

In afwijking van § 1,1° wordt in ieder geval de rechtzetting van energiehoeveelheden niet beperkt tot de laatste 2 periodieke meteropnameperiodes voor toegangspunten met een jaarlijkse opnamefrequentie voor facturatie of tot de laatste 24 opnamemaanden voor toegangspunten met een maandelijkse opnamefrequentie voor facturatie als het gaat om een rechtzetting die het gevolg is van een foutieve registratie door de elektriciteitsdistributienetbeheerdervan gegevens met betrekking tot een allocatiepunt in het toegangsregister, als deze rechtzetting in het voordeel van de elektriciteitsdistributienetgebruiker is. In deze gevallen wordt de rechtzettingstermijn beperkt tot 5 jaar, te rekenen vanaf het moment dat de elektriciteitsdistributienetbeheerder of de toegangshouder kennis heeft genomen van de foutieve registratie in het toegangsregister.

§ 5

Een elektriciteitsdistributienetgebruiker kan een rechtzetting bedoeld in § 1 betwisten via zijn toegangshouder bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder tot twee jaar na ontvangst van de factuur die de rechtzetting vermeldt.