Afdeling 2.
Toegang tot het gesloten distributienet voor de achterliggende netgebruiker


Art. 7.2.7. (Her)indienstname van een achterliggend toegangspunt

§ 1

De beheerder van het gesloten distributienet voorziet in een eigen procedure voor de aanvraag door een achterliggende netgebruiker tot (her)indienstname van zijn achterliggend toegangspunt.

§ 2

Een nieuw of buiten dienst gesteld achterliggend toegangspunt kan pas in dienst genomen worden als de volgende voorwaarden vervuld zijn:
de achterliggende netgebruiker heeft de aansluitingsvoorwaarden van de beheerder van het gesloten distributienet voor de betrokken aansluiting aanvaard;
de door de achterliggende netgebruiker aangewezen achterliggende toegangshouder heeft de toegangsvoorwaarden van de beheerder van het gesloten distributienet aanvaard;
de achterliggende toegangshouder is zelf erkend evenwichtsverantwoordelijke of heeft een overeenkomst met een erkende evenwichtsverantwoordelijke.

§ 3

Als voldaan is aan de voorwaarden, vermeld in § 2, stelt de beheerder van het gesloten distributienet het achterliggend toegangspunt binnen redelijke termijn in dienst.

§ 4

De wijziging in het toegangsregister gebeurt om 00u00 lokale tijd op de dag van indienstname. De achterliggende netgebruiker en - indien van toepassing - de leverancier en/of achterliggende toegangshouder op het achterliggend toegangspunt worden hiervan op de hoogte gebracht door de beheerder van het gesloten distributienet.

§ 5

Behoudens andersluidende bepaling zijn de kosten voor (her)indienstname van een achterliggend toegangspunt voor rekening van de achterliggende netgebruiker.

Art. 7.2.8. Buitendienststelling van een achterliggend toegangspunt

§ 1

De beheerder van het gesloten distributienet voorziet in een procedure voor de aanvraag, door een achterliggende netgebruiker, tot buitendienststelling van zijn achterliggend toegangspunt. De beheerder van het gesloten distributienet zal het achterliggend toegangspunt steeds binnen redelijke termijn buiten dienst stellen. De wijziging in het toegangsregister gebeurt om 00u00 lokale tijd op de dag van buitendienststelling. De achterliggende netgebruiker en - indien van toepassing - de leverancier en/of achterliggende toegangshouder op het achterliggend toegangspunt worden hiervan op de hoogte gebracht door de beheerder van het gesloten distributienet.

§ 2

Behoudens andersluidende bepaling zijn de kosten voor buitendienststelling van een achterliggend toegangspunt voor rekening van de achterliggende netgebruiker.

Art. 7.2.9. Geplande onderbrekingen van de toegang tot het gesloten distributienet

In geval de beheerder van het gesloten distributienet werkzaamheden aan zijn net plant die een onderbreking van de toegang op één of meer achterliggende toegangspunten tot gevolg zullen hebben, brengt hij de betrokken achterliggende netgebruikers en achterliggende toegangshouders op deze achterliggende toegangspunten voorafgaandelijk op de hoogte van tijdstip en duur van deze onderbreking.

Art. 7.2.10. Ongeplande onderbrekingen van de toegang tot het gesloten distributienet

§ 1

De beheerder van het gesloten distributienet voorziet in een telefoonnummer waarop hij permanent bereikbaar is voor meldingen van onderbrekingen van de toegang en informatie over onderbrekingen kan worden verstrekt.

§ 2

Een producent op het gesloten distributienet en de beheerder van het gesloten distributienet zijn voor elkaar permanent bereikbaar.

§ 3

Bij ongeplande onderbrekingen van de toegang tot het gesloten distributienet informeert de beheerder van het gesloten distributienet desgevraagd de achterliggende netgebruiker of zijn leverancier over de aard en de te verwachten duur ervan.

Art. 7.2.11. Toegangsprogramma's

§ 1

De beheerder van het gesloten distributienet voor elektriciteit kan voor bepaalde achterliggende toegangspunten, volgens de grootte van de afgenomen of geïnjecteerde capaciteit of op basis van andere objectieve en niet-discriminerende criteria, dagelijks een toegangsprogramma eisen van de achterliggende toegangshouder. Ook kan hij voor die achterliggende toegangspunten jaarlijks vooruitzichten eisen.

§ 2

Als de achterliggende toegangshouder voorziet dat het werkelijke afname- of injectieprofiel sterk zal afwijken van het opgegeven toegangsprogramma of de meegedeelde vooruitzichten, brengt hij de beheerder van het gesloten distributienet voor elektriciteit daarvan onverwijld op de hoogte.

Art. 7.2.12. Compensatie van de netverliezen

In het kader van de levering van ondersteunende diensten compenseert de beheerder van het gesloten distributienet voor elektriciteit de energieverliezen in zijn net voor elke gebruiker van zijn net.