Art. 7.3.9. Meetuitrustingen bij decentrale productie-installaties

§ 1

Voor productie-installaties met een vermogen groter dan 10 kVA plaatst de elektriciteitsdistributienetbeheerder een meetinrichting met uitlezing van de productie op afstand.

§ 2

Voor het leveren, plaatsen en installeren van de meetinrichting van een decentrale productie-eenheid en voor het uitlezen en het beheer van de meetgegevens kan de achterliggende netgebruiker een beroep doen op de diensten van de elektriciteitsdistributienetbeheerder waarmee het gesloten distributienet is gekoppeld of van de gesloten distributienetbeheerder, als de meting op het achterliggend toegangspunt niet toelaat om de hoeveelheid geproduceerde elektriciteit eenduidig te bepalen. Die diensten en de verrekening van de kosten ervan worden contractueel bepaald.