Titel VIII.
Slotbepalingen


Hoofdstuk I.
Opheffingsbepaling


Art. 8.1.1.
Het Technisch Reglement Distributie Elektriciteit van 5 mei 2015, goedgekeurd bij Besluit van de Vlaamse Regering houdende goedkeuring van het technisch reglement voor de distributie van elektriciteit in het Vlaamse Gewest, wordt krachtens dit reglement opgeheven.

Hoofdstuk II.
Overgangs- en inwerkingtredingsbepalingen


Art. 8.2.1.
Dit reglement treedt in werking op datum van de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad, behoudens:
Art. 3.1.17 § 3 en Art. 3.2.8, § 2 die in werking treden op 1 januari 2021;
Art 4.2.13 § 2 en § 3, Art. 4.3.19 § 2 en Art. 4.3.39 die in werking treden op 1 januari 2021;
Art. 2.3.21 § 6 dat in werking treedt op 1 januari 2021.

Art. 8.2.2.
In afwijking van Art 4.1.2, § 2 geldt tot 1 januari 2021:
“In afwijking van Art 4.1.1, § 1 worden, als de elektriciteitsdistributienetgebruiker hiertoe verzoekt, twee toegangspunten toegekend, met daaraan telkens één allocatiepunt gekoppeld (één voor afname en één voor injectie), aan aansluitingen met een productie-installatie groter dan 10 kVA.”

Art. 8.2.3.
In afwijking van Art 4.1.2, § 3 geldt tot 1 januari 2022:
In afwijking van Art 4.1.1, § 1 worden, als de elektriciteitsdistributienetgebruiker hiertoe verzoekt, twee toegangspunten toegekend, met daaraan telkens één allocatiepunt gekoppeld voor afname, aan aansluitingen waarop een of meerdere oplaadpunten voor elektrische voertuigen of een publiek toegankelijke laadinfrastructuur met oplaadpunten voor elektrische voertuigen aangesloten is.

Art. 8.2.4.
In afwijking van Art 4.1.5 geldt tot 1 januari 2021:
In het toegangsregister worden de volgende gegevens opgenomen:
informatie over de aansluiting, per aansluitingspunt, zoals aangeleverd door de elektriciteitsdistributienetbeheerder:
o
het energietype: elektriciteit;
o
het elektriciteitsdistributienet waarmee de aansluiting verbonden is;
o
het aansluitingsspanningsniveau;
o
het adres waar de aansluiting zich bevindt;
o
het toegangspunt of de toegangspunten verbonden aan de aansluiting;
informatie over de toegang tot het net, per toegangspunt, zoals aangeleverd door de elektriciteitsdistributienetbeheerder:
o
de identificatie (EAN) van het toegangspunt;
o
de gebruiksrichting: injectie en/of afname;
o
het aansluitingsvermogen;
o
indien van toepassing, gegevens inzake de aanwezigheid van decentrale productie;
informatie over de meetinrichting op het toegangspunt, zoals aangeleverd door de elektriciteitsdistributienetbeheerder:
o
de meternummer(s);
o
de aanwezigheid van een budgetmeter of stroombegrenzer;
informatie over de meteropname:
o
voor toegangspunten met jaarlijkse meteropname: de opnamemaand;
informatie over de elektriciteitsdistributienetgebruiker, per allocatiepunt, zoals aangeleverd door de toegangshouder:
o
de naam van de elektriciteitsdistributienetgebruiker;
o
het type elektriciteitsdistributienetgebruiker (huishoudelijk of niet-huishoudelijk);
o
indien van toepassing, het ondernemingsnummer en de NACE-BEL 2008 code;
o
de contactgegevens (adres en, indien beschikbaar, e-mailadres en telefoonnummer) van de elektriciteitsdistributienetgebruiker;
informatie over het gebruik van het allocatiepunt:
o
de partijen die als toegangshouder en evenwichtsverantwoordelijke zijn aangewezen;
o
de tariefperioden;
o
indien van toepassing, de voorafbetalingsstatus;
o
de datum na de indienstname waarop voor het eerst een toegangshouder geregistreerd werd op het allocatiepunt;
o
de datum waarop de huidige toegangshouder geregistreerd werd op het allocatiepunt;
o
de datum waarop een toegangshouder voor de huidige elektriciteitsdistributienetgebruiker geregistreerd werd op het allocatiepunt;
o
indien gekend, de einddatum van het energiecontract tussen de huidige toegangshouder en de elektriciteitsdistributienetgebruiker op het allocatiepunt;
o
het gebruiksprofiel;
o
voor allocatiepunten met een berekend gebruiksprofiel, het standaard jaarverbruik of standaard maandverbruik of de forfaitair bepaalde afname;
o
de meest recente meterstanden en verbruiken voor facturatie;
o
historische verbruiken.

Art. 8.2.5.
In afwijking van art. 2.3.19, § 1, verleent de elektriciteitsdistributienetbeheerder, in geval van congestie, tot en met 30 juni 2021 bij voorrang toegang aan installaties die elektriciteit produceren op basis van hernieuwbare energiebronnen.