Afdeling 1.
Bepalingen die van toepassing zijn op het [handhavingscollege (verv. decr. 25 april 2014, art. 143)], de Raad voor Vergunningsbetwistingen en de Raad voor Verkiezingsbetwistingen


Art. 13.

De partijen kunnen bestuursrechters die zich over het beroep of bezwaar moeten uitspreken schriftelijk en op gemotiveerde wijze wraken voor de aanvang van de zitting, tenzij de reden tot wraking later is ontstaan.

De redenen, vermeld in artikel 828 en 830 van het Gerechtelijk Wetboek, zijn de redenen tot wraking, vermeld in het eerste lid.

De eerste voorzitter of, als die wordt gewraakt, de oudste kamervoorzitter doet zo spoedig mogelijk uitspraak over het verzoek tot wraking. Als het verzoek wordt ingewilligd, wordt de gewraakte bestuursrechter vervangen.

De bestuursrechter die weet dat er een reden tot wraking tegen hem bestaat, onthoudt zich van de zaak en laat zich vervangen.


Art. 14.

Het beroep of bezwaar heeft geen schorsende werking, tenzij de decreten, vermeld in artikel 2, 1, dat anders bepalen.


Art. 15.

Een Vlaams bestuursrechtscollege kan zaken over hetzelfde of over een verwant onderwerp ter behandeling samenvoegen en de behandeling over samengevoegde zaken achteraf weer splitsen.


Art. 16.

De behandeling van het beroep of bezwaar geschiedt schriftelijk en op tegenspraak.

Partijen kunnen zich laten bijstaan of vertegenwoordigen door een raadsman.

Een Vlaams bestuursrechtscollege kan, op eigen initiatief of op verzoek van een partij, getuigen of deskundigen horen en een beroep doen op tolken. Een Vlaams bestuursrechtscollege kan ook andere onderzoeksmaatregelen bevelen die door de Vlaamse Regering worden vastgesteld.

De zittingen van een Vlaams bestuursrechtscollege zijn openbaar, behalve als de kamer in geval van gevaar voor de orde of goede zeden anders beslist.

Bij regelmatige oproeping belet de afwezigheid van een partij de geldigheid van een zitting niet. De zaak wordt in dat geval geacht op tegenspraak behandeld te zijn.

Tenzij een Vlaams bestuursrechtscollege anders beslist kunnen partijen in onderling overleg afzien van de behandeling van het beroep ter zitting.

Een Vlaams bestuursrechtscollege beraadslaagt achter gesloten deuren over zijn uitspraken.


Art. 17.

De Vlaamse Regering stelt de nadere regels vast voor de vormvereisten en ontvankelijkheid van de verzoekschriften en voor de rechtspleging voor de Vlaamse bestuursrechtscolleges, waaronder de regels betreffende:

1 de stukken die bij het verzoekschrift moeten worden gevoegd;

2 de registratie van het verzoekschrift en de voorwaarden waaronder het verzoekschrift kan worden geregulariseerd;

3 de wijze waarop en de personen aan wie een afschrift van het verzoekschrift wordt bezorgd;

4 de wijze van toezending en uitwisseling van de processtukken;

5 de bijstand of vertegenwoordiging door een raadsman;

6 het beroep op getuigen, deskundigen en tolken, met inbegrip van de regeling voor het getuigengeld, de kosten en erelonen van de deskundigen en de kosten van de tolken;

7 de wijze van de berekening van de termijnen, vermeld in dit hoofdstuk;

8 de voorwaarden waaronder een vergoeding kan worden gevraagd voor afschriften of uittreksels.