Art. 31.

1. In de gevallen, vermeld in artikel 15 van het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, zijn alleen de gemeenteraadsleden en de personen die voorkomen op de voordrachtsakte, vermeld in artikel 10, 1, en in artikel 14 van het voormelde decreet, gerechtigd om bezwaar in te dienen. Het bezwaarschrift wordt op straffe van onontvankelijkheid uiterlijk ingediend op de vijfde dag die volgt op de afkondiging van de verkiezingsuitslag.

Het is verboden, op straffe van een gevangenisstraf van een maand tot twee jaar, het bewijs van ontvangst van het bezwaarschrift te antidateren.

2. Iedereen die een bezwaar heeft ingediend dat ongegrond blijkt en waarvan vaststaat dat het is ingediend met het oogmerk om te schaden, wordt gestraft met een geldboete van 50 tot 500 euro.

De opbrengst van de geldboete wordt gestort op de rekening van het fonds voor de dienst van de Bestuursrechtscolleges.

3. De Raad voor Verkiezingsbetwistingen doet uitspraak, als er bezwaar wordt ingediend binnen veertig dagen na de ontvangst van het dossier, over de geldigheid van de verkiezingen. Hij herstelt, in voorkomend geval, de vergissingen die begaan zijn bij het vaststellen van de verkiezingsuitslag. Als binnen die termijn geen uitspraak is gedaan, wordt de verkiezing als regelmatig beschouwd.

4. De beslissing van het rechtscollege heeft op zijn vroegst uitwerking na het verstrijken van de termijnen, vermeld in paragraaf 5, om beroep in te stellen bij de Raad van State.

5. De gemeente, het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, de verkozen leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, de opvolgers van wie de verkiezing is vernietigd en de opvolgers van wie de verkiezingsrang is gewijzigd, alsook de personen die bezwaren hebben ingediend, kunnen bij de Raad van State beroep instellen binnen acht dagen na de kennisgeving van de beslissing van de Raad voor Verkiezingsbetwistingen of de mededeling van het feit dat de termijn van veertig dagen is verstreken. Het beroep schorst de beslissing van de Raad voor Verkiezingsbetwistingen tot vernietiging of tot wijziging van de verkiezingsuitslag of van de zetelverdeling.

De hoofdgriffier van de Raad van State deelt het beroep binnen acht dagen na de ontvangst ervan mee aan de provinciegouverneur, aan het betrokken Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn, aan de gemeente, aan de voorzitter van de Raad voor Verkiezingsbetwistingen en aan de verkozenen van wie de verkiezing of verkiezingsrang wordt betwist. De Raad van State doet uitspraak binnen een termijn van zestig dagen. Het arrest van de Raad van State wordt door de zorg van de hoofdgriffier onmiddellijk ter kennis gebracht van de verzoeker, de provinciegouverneur, het betrokken Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn, de gemeente en de verkozenen van wie de verkiezing wordt vernietigd of van wie de verkiezingsrang wordt gewijzigd.

Als een vernietiging definitief geworden is, wordt binnen twintig dagen, vanaf de dag na de kennisgeving van de vernietiging aan de betrokken gemeente, tot een nieuwe verkiezing overgegaan op basis van de ontvankelijke voordrachtsakte voor de vernietigde verkiezing, ingediend conform artikel 10, 1, en 14, van het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. Ingeval van onvoldoende voordrachten is artikel 14, tweede lid, van het voormelde decreet, met behoud van artikel 13 van het voormelde decreet, van toepassing, met dien verstande dat de termijn van twintig dagen geldt.

Tot de installatie van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn kunnen alleen dringende zaken worden behandeld.

Een vernietiging of een herstel van de verkiezingsuitslag tast de geldigheid niet aan van de beslissingen van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn die genomen zijn voor de kennisgeving van de definitieve uitspraak.