Hoofdstuk 1.
Taken van het Vlaamse Gewest als waterwegbeheerder


Art. 6.
Met behoud van de toepassing van de overige bepalingen van dit decreet, en onder voorbehoud van de bepalingen van het decreet van 2april 2004 betreffende het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschap De Vlaamse Waterweg nv, naamloze vennootschap van publiek recht, staat het Vlaamse Gewest als waterwegbeheerder in voor het beheer en de exploitatie van de waterweg en het watergebonden gebied.
Deze taak kan onder meer de volgende activiteiten omvatten:
1
het bouwen, vernieuwen, onderhouden, herstellen, bedienen en uitrusten van de sluizen, bruggen en stuwen;
2
het aanleggen, verbeteren, inrichten en uitrusten van de basisinfrastructuur en de laad- en losinstallaties, alsmede het regelen van het gebruik daarvan;
3
het huren of verhuren, het in concessie nemen of geven van het watergebonden gebied of een deel ervan en het vestigen of verwerven van andere rechten op het watergebonden gebied of een deel ervan;
4
het geheel of gedeeltelijk bouwrijp maken van het watergebonden gebied;
5
het voeren van een specifiek op watergebonden bedrijvigheden en op watergebonden overslag gericht industrialisatiebeleid;
6
het creren van nieuwe, watergebonden bedrijfszones;
7
het bouwen, onderhouden, inrichten en beheer van oevers, jaagpaden evenals dijken en waterkeringen;
8
het verrichten van de nodige baggerwerkzaamheden voor de instandhouding van de diepten;
9
het peilbeheer en het beheren van de bevloeiingen;
10
het innen van rechten van welke aard ook, wegens het gebruik van de waterweg;
11
het uitvoeren van onderhoudstaken op kleine kanalen.