Art. 137.
Een bestuurlijke geldboete kan niet worden opgelegd als:
1
voor het betrokken feit reeds eerder een bestuurlijke geldboete werd opgelegd;
2
door de strafrechter voor het betrokken feit al eerder een straf werd opgelegd;
3
het betrokken feit eerder al heeft geleid tot een vrijspraak, een eenvoudige schuldverklaring zonder straf, een opschorting van de uitspraak van de veroordeling of een minnelijke schikking.