Art. 145.
Na de vaststelling van een inbreuk als vermeld in artikelá124 kunnen de personeelsleden die belast zijn met het toezicht, vermeld in artikelá112, passende maatregelen nemen, en inzonderheid:
1░
een schip of ander tuig de toegang tot of het verblijf in de haven verbieden;
2░
een schip ophouden en naar een nabijgelegen plaats brengen of laten brengen;
3░
een schip verbieden af te varen;
4░
een schip, ander tuig of gevaarlijke goederen ambtshalve verwijderen;
5░
laad- en losverrichtingen laten stilleggen.