Art. 5.2.2.6.5.

1.

De uit de wrakken verwijderde vloeistoffen worden bewaard in de daarvoor bestemde gesloten vaten of tanks overeenkomstig het goedgekeurde werkplan. Ieder vat of tank draagt een duidelijk leesbare vermelding van de inhoud en de overeenstemmende gevarenpictogrammen. Vaten met vloeistoffen worden geplaatst op een overdekte vloeistofdichte vloer uitgerust met een opvangsysteem voor lekvloeistoffen. De verschillende soorten olin en vloeistoffen worden apart gehouden en mogen in geen geval worden gemengd.

2.

De batterijen en accu's worden opgeslagen in weerbestendig afgedekte en zuurbestendige containers.

3.

In de inrichting is voldoende absorptiemateriaal aanwezig. Verontreinigd absorptiemateriaal wordt afgevoerd naar een daartoe geschikte inrichting.