I. Gemeenschappelijke bepalingen voor open zwemgelegenheden en watersportzones.

Art. 5.32.9.8.1.

§ 1. Hygiëne en ongediertebestrijding

Het storten of lozen van (potentieel) vervuilende stoffen is verboden.

 

Dagelijks worden de cabines en het sanitair gereinigd en ontsmet. Het strand, de ligweide en de directe omgeving van het water worden dagelijks, onmiddellijk na sluiting, ontdaan van afval.

 

Een voldoend aantal vuilnisbakken zijn in de inrichting aanwezig op gemakkelijk te bereiken plaatsen. De inhoud van deze bakken wordt dagelijks, onmiddellijk na sluitingstijd afgevoerd.

 

§ 2. Reglement van inwendige orde

Door de exploitant wordt een reglement van inwendige orde vastgelegd dat tenminste de volgende bepalingen

de toegang tot de zwemgelegenheid wordt verboden voor dronken personen ;
personen aangetast door of verdacht van besmettelijke ziekten worden niet tot het zwemwater toegelaten ;
het is verboden zeep te gebruiken op andere plaatsen dan onder het stortbad ;
met uitzondering van assistentiehonden op het strand worden honden of andere huisdieren niet toegelaten in het water of op het strand;
kinderen van minder dan 6 jaar staan steeds onder het toezicht van een volwassene.
assistentiehonden op het strand worden, als de persoon met een handicap of ziekte in het water gaat, aangelijnd aan de aanlijnplaats voorzien voor assistentiehonden.

Dit reglement hangt uit op goed zichtbare plaatsen in de inrichting samen met de meest recente meetresultaten van de uitgevoerde bemonsteringen van het water. De inrichting wordt voorzien van een veilige en gemakkelijk toegankelijke aanlijnmogelijkheid (voor assistentiehonden)

 

§ 3.

Een leerkracht, trainer, lesgever of begeleider van duikactiviteiten in de zwemgelegenheid, kan een lesgeefactiviteit combineren met de functie van toezichthoudende persoon onder de volgende voorwaarden :

de duikers staan onder constant toezicht van ten minste één persoon; dit toezicht is aangepast aan de beoefende duikdiscipline;
bij het beoefenen van de duiksport wordt nooit alleen gedoken.

 

Een leerkracht, trainer, lesgever of begeleider van duikactiviteiten in de zwemgelegenheid, kan een lesgeefactiviteit combineren met de functie van toezichthoudende redder onder de volgende voorwaarden :

de duikers staan onder constant toezicht van ten minste één persoon; dit toezicht is aangepast aan de beoefende duikdiscipline;
bij het beoefenen van de duiksport wordt nooit alleen gedoken;
hij/zij is in het bezit van het Hoger Reddersbrevet van Sport Vlaanderen of het brevet Duiker Redder van Sport Vlaanderen of van een ander gelijkwaardig getuigschrift goedgekeurd door Sport Vlaanderen;
de redders worden ten minste éénmaal per jaar geoefend in redding- en reanimatietechnieken; het bewijs van de meest recente bijscholing ligt ter inzage van de toezichthouder op de plaats van de exploitatie; deze bijscholing moet erkend zijn door Sport Vlaanderen.

Art. 5.32.9.8.2. Waterkwaliteit.

§ 1.

Het zwemwater moet voldoen aan de milieukwaliteitsnormen bepaald in artikel 1 van deel II van de bijlage 2.3.3.

 

§ 2.

Indien er een verversing van het water is, gebeurt dit met water van betrouwbare kwaliteit.

 

§ 3.

Tijdens de week die het badseizoen voorafgaat en verder ten minste om de 14 dagen tijdens dit seizoen, wordt op kosten van de exploitant een bacteriologisch onderzoek op een representatief staal van het zwemwater uitgevoerd door een erkend laboratorium, in de discipline water, deeldomein drinkwater als vermeld in artikel 6, 5°, a), van het VLAREL. Dit bacteriologisch onderzoek dient minimaal uitgevoerd te worden vanaf 1 mei tot en met 30 september. Een dubbel van deze analyseresultaten wordt door het laboratorium rechtstreeks aan de afdeling van het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid, bevoegd voor het toezicht op de volksgezondheid gezonden.